Logo Parlement Buxellois

Schriftelijke vraag betreffende het proefproject van de workshops voor gepersonaliseerde begeleiding van de NEET op initiatief van het kabinet

Indiener(s)
Emin Özkara
aan
Bernard Clerfayt, minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met Werk en Beroepsopleiding, Digitalisering en de Plaatselijke besturen (Vragen nr 16)

Rubriek(en):
 
Datum ontvangst: 25/09/2019 Datum publicatie: 28/10/2019
Zittingsperiode: 19/24 Zitting: 19/20 Datum antwoord: 28/10/2019
 
Datum behandeling van het stuk Indiener(s) Referentie Blz.
08/10/2019 Ontvankelijk p.m.
 
Vraag    Volgens Eurostat waren er in 2018 in het Brussels Gewest 13,3% NEET (tegen 19,2% in 2012). Spijtig genoeg blijven ondanks al onze inspanningen het fenomeen van de NEET en de sherwoodisering van een deel van de jeugd een feit. Tal van ontmoedigde Brusselse jongeren gaan niet meer naar de diensten van Actiris of het OCMW en verdwijnen dus uit beeld.

Vanuit die vaststelling en om het kwaad bij de wortel uit te roeien, hebben tijdens de vorige zittingsperiode vier OCMW’s deelgenomen aan een project met workshops voor gepersonaliseerde begeleiding op initiatief van het kabinet van Minister-President Rudi Vervoort (PS), met de steun van het operationeel programma van het Europees Sociaal Fonds (OP ESF) 2014-2020 voor het Brussels Gewest. De vorige minister bevoegd voor werkgelegenheid, de heer Didier Gosuin (DéFI) heeft dat proefproject in de commissie van 7 juni 2018 te berde gebracht. Hij had het toen over een zeer gepersonaliseerde benadering die de NEET die van het OCMW afhingen een alternatieve opleiding aanbood om opnieuw de stap naar de arbeidsmarkt te kunnen zetten.

Om mijn informatiebank verder aan te vullen, heb ik volgende vragen.

1. Quid evaluatie van het proefproject van de workshops voor gepersonaliseerde begeleiding?
2. Wanneer is het project gestart en is het nog aan de gang?
3. Welke OCMW’s zijn daarbij betrokken? Wat is de participatiegraad per OCMW en volgens gender? Wat zijn de concrete resultaten en de toegekende financiële middelen?
4. Wordt het proefproject uitgebreid tot de andere Brusselse OCMW’s?

“Young people aged 15-24 neither in employment nor in education and training (NEET), by sex - annual averages”, last update 10/07/2019,
http://appsso.eurostat.ec.europa.eu/nui/show.do?dataset=lfsi_neet_a&lang=engeraadpleegd op 2 oktober 2019.
 
 
Antwoord    Het proefproject wordt gedurende de volledige uitvoering ervan geëvalueerd, met name tijdens de regelmatige vergaderingen van het begeleidingscomité waarin het bestuur van het onderwijs voor sociale promotie, het ESF-agentschap, de 5 OCMW-partners, de 9 voor het project aangestelde leerkrachten, Brussel Plaatselijke Besturen, Actiris en de vertegenwoordigers van de ministers belast met Plaatselijke Besturen en met de Jongerengarantie zetelen.

Bovendien is in het ESF-programma Wallonië-Brussel 2014-2020 een evaluatie voorzien van de initiatieven die genomen worden voor de jongeren in het kader van het Jeugdwerk-gelegenheidsinitiaitief (JWI).

De uitwerking van het project met de OCMW’s en het onderwijs voor sociale promotie heeft een jaar geduurd. De gepersonaliseerde pedagogische werkplaatsen zijn sinds september 2016 toegankelijk voor jongeren die door de OCMW’s worden doorgestuurd.

Heden zijn 5 OCMW’s partner van het project. Het betreft het OCMW van Anderlecht, Brussel-Stad, Molenbeek, Sint-Gillis en Schaarbeek.

In 2018, het tweede jaar dat het project volledig draaide, waren er 9 leerkrachten voor 6,75 VTE’s, en werden 233 jongeren begeleid (92 mannen en 141 vrouwen), wat een verdubbeling is tegenover 2017. Het voor 2018/2020 gebruikte budget bedraagt 1.237.000 euro, waarvan twee derde van het ESF afkomstig is.

Dit is de verdeling van de jongeren per OCMW:
- OCMW van Anderlecht: 44 jongeren tegenover 41 in 2017 en 12 in 2018;
- OCMW van Brussel-Stad: 40 jongeren tegenover 23 in 2017 en 10 in 2016;
- OCMW van Molenbeek: 92 jongeren tegenover 27 in 2017 en 0 in 2016;
- OCMW van Sint-Gillis: 14 jongeren tegenover 12 in 2017 en 5 in 2016 en
- OCMW van Schaarbeek: 43 jongeren tegenover 20 in 2017 en 0 in 2018.

In theorie kan het project naar alle OCMW’s uitgebreid worden. Het werd overigens aan de 19 OCMW’s voorgesteld om hen aan te moedigen deel te nemen.
Er dient te worden opgemerkt dat het project sinds eind 2018 door bepaalde Waalse OCMW’s werd overgenomen.