Logo Parlement Buxellois

Schriftelijke vraag betreffende het gewestelijk beleid ten aanzien van de nachtwinkels.

Indiener(s)
Dominiek Lootens-Stael
aan
Bernard Clerfayt, minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met Werk en Beroepsopleiding, Digitalisering, Plaatselijke Besturen en Dierenwelzijn (Vragen nr 166)

 
Datum ontvangst: 12/03/2020 Datum publicatie: 08/04/2020
Zittingsperiode: 19/24 Zitting: 19/20 Datum antwoord: 08/04/2020
 
Datum behandeling van het stuk Indiener(s) Referentie Blz.
13/03/2020 Verwezen in plenaire vergadering p.m.
16/03/2020 Ontvankelijk p.m.
 
Vraag    Via verschillende krantenpublicaties van 6 maart vernemen we een grote douanecontrole op nachtwinkels in een aantal gemeenten van het hoofdstedelijk Gewest. Daarbij werd op zoek gegaan naar eventuele fraude met alcohol, tabak, shisha-tabak en niet-alcoholische dranken. Vaak worden die gekocht bij buitenlandse netwerken en worden er geen accijnzen en BTW betaald of zijn het gewoon namaakproducten. Bij de controle was de topman van de douane zelf aanwezig om het belang van deze actie te onderstrepen en om de nodige lessen te kunnen trekken.

Eenentwintig nachtwinkels werden gecontroleerd, waarvan negentien winkels niet in orde bleken te zijn. Deze resultaten zijn zeer onrustwekkend. Het betekent dat bijna geen enkele van de gecontroleerde nachtwinkels in orde is. Het is natuurlijk de verantwoordelijkheid van de douane en de politie om onderzoeken te voeren en controles te doen. We hopen dan ook dat men een volgehouden inspanning gaat leveren om de mistoestanden tegen te gaan. Want uiteindelijk zijn zulke malafide nachtwinkels een schakel in internationaal georganiseerde misdaad.

De voorbijgaande jaren was er vooral aandacht voor de wildgroei aan nachtwinkels, de overlast die ze vaak veroorzaken en de oneerlijke concurrentie met de horeca in sommige buurten.

De reglementering van nachtwinkels is een gemeentelijke bevoegdheid. De controle op fraude van diverse aard valt onder verschillende federale bevoegdheden.

Het economische aspect echter is een gewestelijke bevoegdheid. Het hoofdstedelijk Gewest probeert de kleinhandel te ondersteunen en er zijn ook allerlei plannen om de zelfstandigen en kleine KMO’s te ondersteunen.

Nu opnieuw maar eens blijkt dat vele nachtwinkels in overtreding zijn met belangrijke reglementeringen op het vlak van accijnzen en BTW, lijkt het ons nodig dat de regering een tandje bijsteekt om de winkeliers die te goeder trouw zijn te beschermen tegen oneerlijke concurrentie. Naar aanleiding van de hierboven geschetste vaststellingen, denken wij dan aan een coördinatie van de strijd tegen malafide nachtwinkels door federale diensten en gemeenten.

Mijn vragen zijn de volgende:

1. Is er een uitwisseling van gegevens tussen Gewest enerzijds en gemeenten en bevoegde federale diensten anderzijds om de problematiek van malafide nachtwinkels in kaart te brengen?
2. Beschikt de minister over recente overzichten van het aantal nachtwinkels en de evolutie op dat vlak?
3. Zijn er plannen binnen de regering om de oneerlijk opererende nachtwinkels te bekampen en hierdoor de kleinhandel te beschermen? Gebeurt dit met eigen plannen of door samenwerking van andere overheden te bevorderen?
 
 
Antwoord    De economische activiteiten, waarvan de nachtwinkels deel uitmaken, vallen niet onder het toezicht dat ik uitoefen op de plaatselijke besturen.

Ik nodig u dan ook uit om u te wenden tot de Staatssecretaris van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, Mevrouw Trachte, dat de economie in haar bevoegdheden heeft.