Logo Parlement Buxellois

Schriftelijke vraag betreffende duurzame financiering en de EU-regels inzake taxonomie

Indiener(s)
Dominique Dufourny
aan
Barbara Trachte, staatssecretaris van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, bevoegd voor Economische transitie en Wetenschappelijk onderzoek (Vragen nr 463)

 
Datum ontvangst: 15/10/2021 Datum publicatie: 13/12/2021
Zittingsperiode: 19/24 Zitting: 21/22 Datum antwoord: 09/12/2021
 
Datum behandeling van het stuk Indiener(s) Referentie Blz.
21/10/2021 Ontvankelijk p.m.
 
Vraag    De Europese Unie heeft de taxonomieregels op 21 april goedgekeurd. Dit is een (complexe) lijst van criteria die bepalen wanneer een economische activiteit duurzaam is. De regels hebben betrekking op dertien economische sectoren die samen verantwoordelijk zijn voor 80% van de emissies. Het uitgangspunt hiervoor zijn de klimaatovereenkomsten en de doelstellingen van Parijs.

De taxonomieregels moeten investeerders helpen bepalen of investeringen echt duurzaam zijn. Deze zijn vervat in een EU-verordening die op 1 januari 2022 in werking moet treden.

Daarom zou ik graag de volgende elementen met u bespreken:

1) Wat is het verband tussen de huidige Brusselse investeringsregels op het gebied van duurzaamheid en de taxonomieregels die de Europese Unie heeft uitgevaardigd?

2 - Welk beleid wordt tijdens de overgangsfase (tot 1 januari 2022) op dat gebied voorgesteld?

 
 
Antwoord    Uiteraard volgen wij de werkzaamheden rond de Europese taxonomie aandachtig op. Bij finance&invest.brussels hebben wij echter niet gewacht op de afloop ervan om een duurzaam investeringsbeleid aan te nemen.

Finance&invest.brussels is de referentie-investeerder in het Brussels Gewest. Ze vergemakkelijkt en vervolledigt de financieringsketen van waardecreërende ondernemingen in het Brussels Gewest in de dragende sectoren voor duurzame economische ontwikkeling en werkgelegenheid.

Zoals u weet, werd finance&invest.brussels in december 2020 geherkapitaliseerd. Daarbij heeft ze een investeringsstrategie aangenomen die de ambitie heeft om van finance&invest.brussels de Europese referentie te maken op het gebied van economische transitie naar economische modellen die vanuit sociaal en milieuoogpunt voorbeeldig zijn.

In dat kader geeft finance&invest.brussels nv de voorkeur aan investeringen in ondernemingen die bijdragen tot een duurzame, veerkrachtige en sociaal inclusieve samenleving.

In het algemeen zorgt de door finance&invest.brussels nv ingevoerde investeringsstrategie voor:
· Het sturen van kapitaalstromen naar op de eerste plaats duurzame investeringen (er zijn vijf prioritaire investeringsthema's vastgesteld). In dit opzicht zijn de zes milieudoelstellingen van de taxonomie volledig geïntegreerd in een of meer van de vijf investeringsthema's;
· Het bevorderen van transparantie en een langetermijnvisie van de economische en financiële activiteiten.
Alle dossiers (ongeacht het investeringsthema) worden aan drie soorten criteria getoetst: uitsluitingscriteria, financiële criteria en positieve criteria.

De uitsluitingscriteria hebben onder meer tot doel het in de taxonomie opgenomen beginsel
Do Not Significant Harm (DNSH) te verifiëren, dat tot doel heeft te voorkomen dat een economische activiteit negatieve gevolgen heeft voor het milieu.

Sinds januari 2021 heeft finance&invest.brussels de principes van deze investeringsstrategie vertaald in een "sustainable investment framework", dat inmiddels op alle dossiers wordt toegepast.

Concreet heeft finance&invest.brussels nv dit “framework” sinds januari 2021 toegepast op 53 dossiers van start-ups en scale-ups. 

Naast de verificatie dat de onderneming niet actief is in een sector die door de investeringsstrategie wordt uitgesloten (zie hierboven), maakt het "sustainable investment framework" de analyse van drie essentiële factoren mogelijk:

 
1/ De positionering en vaardigheden van het managementteam van de kandidaatonderneming met betrekking tot de ESG-criteria en de doelstellingen van de VN inzake duurzame ontwikkeling. Dit is een mogelijke reden voor niet-ontvankelijkheid.

 2/
Het vermogen van de kandidaatonderneming om rekening te houden met de voor haar sector relevante ESG-risico's (of om de risico's meer dan aanzienlijk te beperken). Indien dat vermogen niet toereikend wordt geacht, kan dit eveneens tot gevolg hebben dat het dossier niet in aanmerking wordt genomen.

 3/ En wat de inhoud zelf betreft van het dossier dat aan de groep finance&invest.brussels wordt voorgelegd,
de mogelijke impact ervan, positief of negatief, op de verwezenlijking van de doelstellingen van de VN. Deze analyse kan ook leiden tot een uitsluiting van het dossier, bij gebrek aan bewijs van een precieze strategie om een mogelijk negatieve impact op een of meer van de VN-doelstellingen te verzachten.

Het spreekt voor zich dat deze nieuwe werkmethode binnen de groep finance&invest.brussels gepaard gaat met een permanente opvolging (door de analist belast met het dossier, het investeringscomité, het directiecomité en de Raad van Toezicht) en met rapportering (minstens één keer per jaar aan de aandeelhouders, en in de eerste plaats aan het Gewest).

Dit “sustainable investment framework” wordt geleidelijk uitgerold en zal gaandeweg worden verrijkt met beste praktijken.

Bovendien staan verschillende personeelsleden op het punt een cursus inzake duurzame financiering te volgen. Door zich te omringen met expertise op verschillende niveaus heeft finance&invest.brussels als investeerder van openbaar belang de economische transitie centraal gesteld.