Logo Parlement Buxellois

Schriftelijke vraag betreffende de begrotingsmiddelen voor de dekolonisatie van de openbare ruimte, zoals voorzien in de algemene beleidsverklaring 2020 voor het Gewest

Indiener(s)
Kalvin Soiresse Njall
aan
Rudi Vervoort, minister-president van de Brusselse Hoofdstedelijke regering, belast met Territoriale Ontwikkeling en Stadsvernieuwing, Toerisme, de Promotie van het Imago van Brussel en Biculturele zaken van gewestelijk belang (Vragen nr 130)

 
Datum ontvangst: 10/02/2020 Datum publicatie: 16/04/2020
Zittingsperiode: 19/24 Zitting: 19/20 Datum antwoord: 10/04/2020
 
Datum behandeling van het stuk Indiener(s) Referentie Blz.
12/02/2020 Ontvankelijk p.m.
 
Vraag    Inclusief herinneringswerk omtrent de koloniale geschiedenis maakt deel uit van de thema’s die de regeringspartners wensen te behandelen. Deze wens wordt geconcretiseerd door verbintenissen, zowel op het gebied van onderwijs als op het gebied van de openbare ruimte.

Ter zake stelt de Algemene beleidsverklaring het volgende:

"Meer in het bijzonder zal de Regering in overleg met de academische wereld en de betrokken verenigingen een denkoefening opstarten over de symbolen in de openbare ruimte die te maken hebben met de kolonisatie.

De Regering zal het beleid inzake sociale cohesie versterken, zowel wat betreft het aspect van de ruimtelijke ordening (duurzame wijkcontracten, stadsvernieuwingscontracten, stadsbeleid) als wat betreft de ondersteuning van het maatschappelijk middenveld (levenslang leren, sociale cohesie, schooldiensten, enz.)…".

In uw antwoord op de mondelinge vraag van mevrouw Leïla Agic dd. 16 december 2019 zei u het volgende: “Het is belangrijk voor de samenleving als geheel ontmoetingen en gesprekken te houden over de wijze om deze plicht gezamenlijk op ons te nemen. Alleen samen zullen we de wonden van de geschiedenis genezen. Andere gemeentewegen verwijzen nog steeds naar de kolonisatie. Ik denk met name aan de Koloniënstraat. Dit vergt verdere analyse vanuit verschillende prisma’s. Kolonisatie is niet de enige kwestie. Ook de gemeenten moeten een standpunt innemen daarover.”.

1. Welke begrotingsmiddelen heeft de regering voorzien om dat werk uit te voeren in 2020?
2. Verschillende gemeenten zijn al begonnen met dit beleidswerk en wensen daarbij ook een inclusieve dimensie in termen van burgerparticipatie. Werd met betrekking tot de openbare ruimte in Brussel, met inbegrip van de gewest- en gemeentewegen, al overleg gepleegd met de gemeenten? Zo ja, dewelke? En maakt overleg met de gemeenten in dat geval deel uit van het denkwerk over dit onderwerp?

Gemeenschappelijke Algemene Beleidsverklaring van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering en het Verenigd College van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie, p. 47.
 
 
Antwoord    In het antwoord op de vraag van Mevrouw Agic waarnaar u verwijst, stelde ik een burgerdebat voor in het Parlement. Ik kan de vergadering waarvan u deel uitmaakt alleen maar aanmoedigen om deze aangelegenheid te agenderen.

Voor wat betreft de begrotingsmiddelen die besteed worden aan dit specifieke vraagstuk met betrekking tot het gewestelijke en gemeentelijke wegennet en de steun aan de gemeenten voor hun beleid, stel ik voor dat u zich richt tot de Ministers van Mobiliteit en van Plaatselijke Besturen, die bevoegd zijn ter zake.