Logo Parlement Buxellois

Schriftelijke vraag betreffende la signalisation des voies spéciales franchissables par les transports scolaires

Indiener(s)
Delphine Chabbert
aan
Elke Van den Brandt, minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met Mobiliteit, Openbare werken en Verkeersveiligheid (Vragen nr 766)

 
Datum ontvangst: 28/01/2021 Datum publicatie: 11/03/2021
Zittingsperiode: 19/24 Zitting: 20/21 Datum antwoord: 08/03/2021
 
Datum behandeling van het stuk Indiener(s) Referentie Blz.
05/02/2021 Ontvankelijk p.m.
 
Vraag    Interrogé au mois de juin dernier, le Ministre-Président nous informait d’une concertation entre votre cabinet et le sien au sujet du transport scolaire et plus particulièrement, de la signalisation routière.

En effet, certaines parties de sites propres de la STIB sont déjà utilisables par les bus scolaires mais les panneaux qui indiquent ceux-ci ne sont toujours pas déployés de manière générale. Les transports scolaires peuvent donc, en théorie, prendre les voies franchissables mais le manque de signalisation après chaque intersection en empêche l’usage.

Déjà en temps normal, des difficultés liées au bien-être et à la santé peuvent émerger et donner lieu à de l'absentéisme scolaire, voire à une déscolarisation. Avec la crise sanitaire, la distanciation sociale et le port du masque, ces difficultés risquent bien de prendre une tournure désagréable pour ces enfants qui passent parfois de nombreuses heures par semaine dans les bus scolaires.

Une signalisation adéquate des voies spéciales franchissables, après chaque intersection, permettrait de réduire le temps de trajet.

J’en viens directement à mes questions :

- Avez-vous eu des contacts avec le cabinet du Ministre-Président afin de trouver des solutions concrètes pour régler la question de la signalisation des voies franchissables et ainsi permettre aux transports scolaires de réellement utiliser les sites propres de la STIB ?

- Les cas échéant, que manque-t-il pour mettre en œuvre la signalisation après chaque carrefour ?
 
 
Antwoord    Deze kwestie is in juli 2020 tussen de twee kabinetten besproken.
Het zou goed zijn een onderscheid te maken tussen de busstrook en de bijzondere overrijdbare bedding.

Voor de busstroken:
· Altijd toegankelijk voor:
o Het openbaar vervoer (bus)
o Taxi's
o Voertuigen voor schoolvervoer (met oranje bord met daarop 2 scholieren op het voertuig).

Het is dus niet nodig ter plaatse bijkomende signalisatie aan te brengen, want in dat geval bevindt de informatie zich op het voertuig.

· De busstrook kan toegankelijk gemaakt worden voor de hierna vermelde gebruikers, op voorwaarde dat het gepaste symbool aangebracht wordt op het verkeersbord F17:
o Fiets
o Bromfiets
o Motorfiets
o Reisbus
o Voertuigen voor woon-werkverkeer (met een bord met daarop een fabriek)

Voor de bijzondere overrijdbare beddingen:
· Altijd toegankelijk voor:
o Het openbaar vervoer (bus/tram)

· De toegang kan toegelaten worden voor de hierna vermelde gebruikers, op voorwaarde dat het gepaste symbool aangebracht wordt op het verkeersbord F18:
o Taxi
o Fiets
o Bromfiets
o Motorfiets
o Reisbus
o Voertuigen voor woon-werkverkeer (met een bord met daarop een fabriek)

Voertuigen voor schoolvervoer kunnen dus niet toegelaten worden op bijzondere overrijdbare beddingen. Daarvoor zou het verkeersreglement gewijzigd moeten worden (federale bevoegdheid).