Logo Parlement Buxellois

De verkiezingen

Demi-cercle

Zoals ieder democratisch parlement bestaat het Parlement uit volgens het algemeen kiesrecht gekozen leden: de volksvertegenwoordigers van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.De eerste verkiezingen voor de aanwijzing van de leden van het Parlement hadden plaats op 18 juni 1989; de tweede verkiezingen hadden tegelijk met de verkiezingen voor het federale parlement plaats op 21 mei 1995; de derde verkiezingen hadden plaats op 13 juni 1999, de vierde verkiezingen op 13 juni 2004, de vijfde verkiezingen op 7 juni 2009 en de laatste verkiezingen op 25 mei 2014.

Kandidaten, kiezers en gekozenen

De kandidaten die aan de Brusselse Gewestelijke verkiezingen deelnemen worden voorgedragen op afzonderlijke lijsten naar gelang van hun taal. Bij het indienen van hun kandidatuur verklaren ze tot welke taalgroep ze behoren; de op Nederlandstalige lijsten gekozen volksvertegenwoordigers vormen de Nederlandse taalgroep; de op Franstalige lijsten gekozen volksvertegenwoordigers vormen de Franse taalgroep.

Om verkozen te worden, moet men onder meer Belg zijn, de leeftijd van 18 jaar bereikt hebben en zijn woonplaats in het Gewest hebben. De kiezers zijn de Belgen die de leeftijd van achttien jaar bereikt hebben en hun woonplaats hebben in het Gewest.Alvorens hun ambt te aanvaarden moeten de gekozenen in hun taal de volgende eed afleggen: “Ik zweer de Grondwet na te leven”. Het lid van het parlement dat door het parlement gekozen is tot lid van de regering of tot gewestelijk staatssecretaris, houdt onmiddellijk op zitting te hebben en neemt zijn mandaat weer op wanneer zijn ambt van lid van de regering of van gewestelijk staatssecretaris eindigt.

Hij wordt vervangen door de eerste opvolger van de lijst waarop hij gekozen is die in aanmerking komt.

Beperking van de cumulaties en onverenigbaarheden

De wet stelt een beperking aan de cumulatie van de door verkiezing verkregen mandaten en voorziet in een aantal onverenigbaarheden: een Gewestelijk volksvertegenwoordiger mag niet tegelijk lid van de Kamer van Volksvertegenwoordigers zijn of gecoöpteerd senator; indien het lid als senator aangewezen is door het Brussels Parlement of het Parlement van de Franse Gemeenschap, mag het geen uitvoerend mandaat op gemeentelijk niveau uitoefenen (dit wil zeggen burgemeester, schepen of voorzitter van een Openbaar Centrum voor Maatschappelijk Welzijn).