Logo Parlement Buxellois

Schriftelijke vraag betreffende resultaten van het Gewestelijk Natuurplan en de duurzame ontwikkeling van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.

Indiener(s)
Emin Özkara
aan
Alain Maron, minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met Klimaattransitie, Leefmilieu, Energie en Participatieve democratie (Vragen nr 465)

 
Datum ontvangst: 04/09/2020 Datum publicatie: 26/10/2020
Zittingsperiode: 19/24 Zitting: 19/20 Datum antwoord: 06/10/2020
 
Datum behandeling van het stuk Indiener(s) Referentie Blz.
04/09/2020 Ontvankelijk p.m.
 
Vraag    Een nieuw parlementair jaar is het moment bij uitstek om de balans op te maken van de acties die al ten uitvoer gelegd zijn en van de initiatieven die onderzocht worden in het kader van de bijdrage van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest tot de duurzame ontwikkeling van ons Gewest en tot de Nationale Strategie Duurzame Ontwikkeling (NSDO) van ons land.

Op 4 september 2020 wens ik u de volgende vragen te stellen over de resultaten die geboekt zijn in het kader van het Gewestelijk Natuurplan (GNP):

Wat betreft de initiatieven die al uitgevoerd zijn of onderzocht worden door de overheidsdiensten die onder uw bevoegdheid vallen of onder uw toezicht staan, welke initiatieven strekken ertoe:

1. de toegang van de Brusselaars tot de natuur te verbeteren (doelstelling 1 van het GNP)?
2. het gewestelijke groene netwerk te versterken (doelstelling 2 van het GNP)?
3. het ecologisch beheer van de groene ruimten uit te breiden en te versterken (doelstelling 4 van het GNP)?
4. het verlies aan biodiversiteit van ons Gewest te bestrijden en de vogels, bestuivende insecten en hun habitats te beschermen (NSDO SDG 15)
1?


1 https://www.plan.be/uploaded/documents/201906250851350.REP_TFDD2019_11924_F.pdf#page=19, pagina 19, geraadpleegd op 30 augustus 2020.
 
 
Antwoord    1/

In de eerste plaats moet worden verduidelijkt dat de weinige doelstellingen die in deze vraag worden aangehaald, meer dan tien maatregelen omvatten, die op hun beurt bestaan uit verschillende voorschriften en acties. Het zou dus te lang duren om hier de balans op te maken van alle geplande, uitgevoerde of lopende acties. Een verslag over de uitvoering van het Natuurplan, dat in de opvolgingsmaatregelen is voorzien, zal vanaf het einde van dit jaar geleidelijk aan worden opgesteld, om de goedkeuring van een nieuwe versie van het plan tegen 2022 voor te bereiden. Een samenvattende presentatie met de balans na 4/5 uitvoering van het Natuurplan en het reductieprogramma voor pesticiden is al gepresenteerd tijdens een seminar op 3 december 2019. Bij die gelegenheid is een video geproduceerd. Ik nodig u uit contact op te nemen met mijn administratie om deze verschillende dragers te verkrijgen.

Ik kan echter wel enkele indicaties geven voor de nagestreefde doelstellingen.

Wat doelstelling 1 betreft: deze omvat 4 maatregelen die tot doel hebben het onthaal van de Brusselaars in de groene ruimtes (met name braakliggende terreinen) te verbeteren en de aanwezigheid van de natuur in de andere ruimtes, bijvoorbeeld de omgeving van de openbare ruimtes en de gebouwen, te versterken. Deze maatregelen omvatten bijna 25 verschillende voorschriften.

Er zijn tal van acties uitgevoerd, zoals het bijwerken van de site van Brussels Gardens tijdens de inperkingsperiode - en het openhouden van het overgrote deel van de groene ruimtes met goede onthaalvoorwaarden gedurende deze periode. Samen met de gemeentebesturen wordt voortdurend gewerkt aan de bevordering van het ecologische beheer van de openbare ruimtes in het dubbele kader van het reductieprogramma voor pesticiden, en er worden regelmatig subsidies toegekend aan de plaatselijke besturen voor de ontwikkeling van de natuur (via de vroegere Agenda 21 en, sinds dit jaar, de Klimaatacties), waarbij veel projecten worden uitgevoerd.

Op het niveau van de gebouwen is de publicatie van aanbevelingsfiches voor het onthaal van de natuur in gebouwen uitgevoerd, in coördinatie met de Gids voor Duurzaam Bouwen. Een herziene versie van de BAF, de BAF+ (biodiversiteitspotentieel-oppervlaktefactor) is gepubliceerd via de Gids en is vanaf nu bruikbaar voor professionals, waaronder die van gewestelijke partnerorganisaties zoals CityDev of de BGHM, die zich ertoe verbinden deze indicatoren te gebruiken om meer natuur te integreren in het dagelijks leven van de Brusselaars.


2/

In theorie betreft het hier 3 maatregelen en 15 acties. Ze hebben tot doel de gebieden met een hoge biologische waarde in stand te houden en het ecologische netwerk te versterken, met name door het grondbeheer van relevante gebieden, maar ook door adviezen te geven over projecten en vergunningsaanvragen. Dit laatste punt is bijzonder belangrijk, maar er moet worden opgemerkt dat de adviezen van Leefmilieu Brussel niet bindend zijn.

Bovendien zijn er verschillende structurele elementen aan de gang: de actualisering van de biologische evaluatiekaart is afgerond en dit document moet het mogelijk maken om de toestand van het Brusselse ecologische netwerk te actualiseren. Er wordt ook gewerkt aan het vaststellen van doelstellingen voor de implementatie van het netwerk. De subsidies aan de gemeenten zijn bedoeld om het ecologische netwerk lokaal te versterken, met het ter beschikking stellen van een vademecum in 2021 om hun ‘natuuracties’ op lokale schaal uit te voeren.

Wat het grondbeheer betreft, kunnen we met name de Kauwberg noemen, een belangrijk Natura 2000-gebied, dat geregionaliseerd is en beheerd wordt door Leefmilieu Brussel.

De doelstelling voorziet ook in specifieke acties in agrarische (rest-)gebieden, in het bijzonder in het Neerpedegebied in Anderlecht. Leefmilieu Brussel is betrokken bij de begeleiding van verschillende projecten in dit gebied, op agrarisch niveau (bv. Ketelhoeve, en natuurlijk het hele project Boeren Bruxsel Paysans). Twee natuurgebieden zijn erkend, het Rietveld van Neerpede en het Koeivijverdal, met gewestelijke impulssubsidies.


3/

Het gaat om 5 maatregelen en bijna 30 acties, die voornamelijk betrekking hebben op de codificatie van ecologische beheerpraktijken via een referentiesysteem, tools en multifunctionele beheerplannen voor groene ruimtes.

De uitwerking van het ecologische beheerreferentiesysteem vordert. Wat de vervoersinfrastructuur betreft, zal de samenwerking met Brussel Mobiliteit voor de herziening van zijn typebestek toelaten hogerop de samenhang te garanderen van de praktijken waarop het referentiesysteem voor het ecologische beheer betrekking heeft.

Ten slotte is er een opleiding voor professionals gepland en worden er opdrachten gelanceerd om de goede praktijken te verspreiden en de openbare diensten en bedrijven op te leiden in deze nieuwe methoden.


4/

Deze doelstelling wordt uitgevoerd via het Natuurplan als geheel, maar ook via het Waterbeheerplan en het Programma voor de Reductie van Pesticiden. De strategie voor de monitoring van soorten en ecosystemen die door het departement Biodiversiteit wordt toegepast, laat toe deze opvolging uit te voeren.