Logo Parlement Buxellois

Schriftelijke vraag betreffende de gewestbelasting op banken en geldautomaten

Indiener(s)
Nicole Nketo Bomele
aan
Sven Gatz, minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met Financiën, Begroting, Openbaar ambt, de Promotie van meertaligheid en van het imago van Brussel (Vragen nr 287)

 
Datum ontvangst: 23/02/2021 Datum publicatie: 29/04/2021
Zittingsperiode: 19/24 Zitting: 20/21 Datum antwoord: 26/03/2021
 
Datum behandeling van het stuk Indiener(s) Referentie Blz.
02/03/2021 Ontvankelijk p.m.
 
Vraag    De begroting van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest wordt gevoed door de inkomsten uit de gewestbelasting op banken en geldautomaten.
Graag een antwoord op volgende vragen:
1. Kunt u ons zeggen hoeveel inkomsten uit de belasting op banken en geldautomaten het Brussels Hoofdstedelijk Gewest in het belastingjaar 2020 zal ontvangen?
2. Hoeveel bank- en financiële instellingen zijn in kaart gebracht en onderworpen aan deze gewestbelasting in 2020? Hoeveel geldautomaten waren in het belastingjaar 2020 aan deze belasting onderworpen? Kunt u ons het aantal belastingplichtigen meedelen dat in 2020 onderworpen was aan de gewestbelasting op banken, financiële instellingen en geldautomaten?
3. Hoeveel nieuwe belastingplichtigen voor de belasting op bankinstellingen en geldautomaten werden er in 2020 ingeschreven? Kunt u ons ook het aantal belastingbetalers meedelen dat in het belastingjaar 2020 van de rol is verdwenen?
4. Hoeveel bank- en financiële instellingen telde het Brussels Gewest op 1 januari 2021? Hoeveel geldautomaten waren er in ons gewest op 1 januari 2021? Heeft uw bestuur de laatste jaren een trendmatige daling van het aantal geldautomaten vastgesteld?
5. Hoeveel personeelsleden van Brussel Fiscaliteit (uitgedrukt in voltijdsequivalenten) worden momenteel ingezet voor het beheer van de inschrijving en de inning van de belasting op bankinstellingen en geldautomaten? Kunt u ons een raming geven van de totale kosten van de inning van deze belasting door Brussel Fiscaliteit?
 
 
Antwoord    Voor wat betreft de belasting op de bank- en financieringsinstellingen en de bankautomaten bedroegen de ontvangsten voor het aanslagjaar 2020 in totaal 1.835.662,46 EUR.

Verder dient te worden gewezen op artikel 4 van de ordonnantie van 22 december 1994 betreffende de overname van de provinciale fiscaliteit dat stelt dat enkel die instellingen die minstens twee loketten hebben of minstens twee voltijdse bedienden tewerkstellen aan de gewestbelasting onderworpen zijn.

In het aanslagjaar 2020 waren er 102 belastingplichtigen, goed voor 355 belastbare instellingen en 879 bankautomaten. Sinds 2019 werden geen nieuwe belastingplichtigen ingekohierd.


Uit bijgaande overzichtstabel (tabel 1), blijkt inderdaad een daling van het aantal (daadwerkelijk belaste) belastingplichtigen.



De cijfers aangaande het aantal bankautomaten en bank- en financieringsinstellingen op 1 januari 2021 zijn op heden nog niet voorhanden.


In de afgelopen acht jaar kan voorts een daling van het aantal bankautomaten worden opgemerkt (zie tabel 2).


Deze laatste daling is voornamelijk te wijten aan de opmars van cashloze betalingen (zie ook het antwoord van mijn voorganger op de schriftelijke vraag nr. 253 van april 2018).

Het aantal personeelsleden dat instaat voor het beheer van deze belasting, bedraagt ten slotte 0,4 VTE.