Logo Parlement Buxellois

Schriftelijke vraag betreffende de middelen ter bestrijding van stigmatisering, discriminatie en uitsluiting tijdens de afbouw van de maatregelen ten gevolge van de Covid-19-crisis

Indiener(s)
Kalvin Soiresse Njall
aan
Nawal Ben Hamou, staatssecretaris van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest bevoegd voor Huisvesting en Gelijke kansen (Vragen nr 189)

 
Datum ontvangst: 28/04/2020 Datum publicatie: 27/05/2020
Zittingsperiode: 19/24 Zitting: 19/20 Datum antwoord: 27/05/2020
 
Datum behandeling van het stuk Indiener(s) Referentie Blz.
04/05/2020 Ontvankelijk p.m.
 
Vraag    De afgelopen dagen zijn er steeds meer debatten ontstaan over de noodzaak van een exitstrategie op alle niveaus en op alle gebieden in het kader van de strijd tegen Covid-19. De federale regering heeft besloten een groep te vormen om na te denken over die exitstrategie. Helaas zijn er weinig menselijke aspecten in die reflectie. Reden te meer om in het Brussels Gewest proactief op te treden in deze kwestie. De heropening van scholen wordt besproken, sommige handelszaken hebben toestemming gekregen om te heropenen. In het openbaar vervoer, de openbare ruimte of de scholen in het Brussels Gewest zal de afbouw van de maatregelen de stigmatisering, de discriminatie en de uitsluiting van bepaalde groepen die als versnellers van de besmetting en de verspreiding van het virus worden geïdentificeerd of verdacht, versnellen. Ik denk hierbij aan gezondheidswerkers, aan groepen naargelang hun afkomst, hun woonplaats zoals de volkswijken die ervan verdacht worden zich onvoldoende te houden aan de beperkende maatregelen en dus meer risico's te lopen. Dat zagen we bijvoorbeeld onlangs na de reacties op het overlijden van de jonge Adil in Anderlecht.

Ik weet dat u gevoelig bent voor deze kwestie, vooral in deze moeilijke tijden, en dat u er ongetwijfeld over nadenkt. Daarom wil ik graag weten wat uw strategie is met het oog op de afbouw van de maatregelen die op komst is.

1. In welke concrete middelen hebt u voorzien om deze fenomenen van stigmatisering, uitsluiting en discriminatie te bestrijden, die nu al sommige van onze medeburgers treffen en die hen nog harder zullen treffen tijdens de exitstrategie?

2. Wat bent u van plan in termen van bewustmaking van de bevolking op grote schaal in het licht van die fenomenen?
 
 
Antwoord    De COVID-19-crisis heeft inderdaad gevolgen die niet iedereen op dezelfde manier raken.

We merken dat bestaande ongelijkheden worden uitgediept door deze crisis, en dat de lockdownmaatregelen vaak harder aankomen bij wie op vlak van huisvesting, toegang tot hulpdiensten, sociaal netwerk, financiële mogelijkheden of andere factoren voorheen al in een moeilijke situatie zat.

Wat betreft de maatregelen die worden genomen rond de stapsgewijze exitstrategie:

Zoals u in de pers hebt kunnen lezen, heeft de federale overheid een taskforce ‘kwetsbare groepen’ en de daaraan verbonden werkgroep ‘sociale impact’ opgericht (Persbericht:
https://www.vluchtelingenwerk.be/system/tdf/persbericht_taskforce-geconverteerd_1.pdf?file=1&type=file&id=9334&force=. De maatregelen rond het COVID-19-virus zijn immers gestuurd op het federale vlak, net als de exitstrategie waar u vragen over stelt.

Eveneens op het federale vlak heeft het Instituut voor de Gelijkheid tussen Vrouwen en Mannen gewerkt aan een onderzoek naar de impact van COVID-19 op de gelijkheid tussen vrouwen en mannen. Deze studie werd op 8 mei toegelicht door minister Muylle tijdens de Interministeriële Conferentie Vrouwenrechten onder mijn voorzitterschap.

Wat betreft de stigmatisering van personen die in de gezondheidszorg werken, wens ik te benadrukken dat ik UNIA volop steun in hun initiatieven om deze uitwassen tegen te gaan. De personen die hun gezondheid elke dag op het spel zetten verdienen onze grootste waardering en bescherming.

Via het samenwerkingsprotocol met UNIA werken we op een gezamenlijke manier aan deze thematieken.

Daarnaast zal ik erop toezien dat er door de Brusselse Regering op een transversale manier wordt rekening gehouden met genderaspecten in de verschillende werkgroepen en initiatieven rond het afbouwen van de COVID-19-maatregelen. Een belangrijke tool hierbij is uiteraard de gelijkekansentest, waarmee we op elk moment en op intersectionele manier aanzetten tot het analyseren van de impact van de maatregelen en initiatieven op aspecten als etnische of culturele achtergrond.

Om de steun aan het maatschappelijke middenveld te vrijwaren, heeft de Brusselse Regering bijzondere maatregelen genomen, met name rond de vergoeding voor gemaakte en door een subsidie gedekte onkosten, zelfs als een evenement wordt geannuleerd, en een versoepeling van de regels betreffende de termijnen voor verantwoordingsstukken.